Uitgave van de Protestantse Gemeente Zoetermeer

KERK IN BEDRIJF

De kerk van morgen bouw je samen




In dit themanummer begint de redactie van Kerk in Zoeter­meer een verkenning over de kerk van morgen. Hoe ziet de kerk er straks uit, voor wie maakt de kerk zich sterk en hoe staat ze in de samenleving?

Het woord ‘kerk’ wordt hier in twee betekenissen gebruikt. Als geloofsgemeenschap waarbinnen mensen elkaar ontmoeten en in woord en daad uiting geven aan geloof in God en gedeelde waarden en normen. En als faciliteit die dat mogelijk maakt: het kerkgebouw. Die twee kunnen elkaar natuurlijk niet missen.

Vaardigheden
Een kerk is geen bedrijf. Toch weten en zien we dat er gebruikgemaakt wordt van beproefde werkmethodes om een organisatie in stand te houden. Dat geldt voor de spirituele kant zowel als voor de fysieke.
Om de kerk geestelijk in stand te houden zijn er predikanten en kerkelijk werkers, ambtsdragers als ouderlingen, diakenen en kerkrentmeesters, en ook de vele vrijwilligers die daarin actief zijn. Zij bedienen zich van kennis en vaardigheden zoals die in elk ‘normaal’ bedrijf of organisatie worden toegepast.

Kennis van zaken
Om de kerk als gebouw overeind te houden is geld nodig, maar net zo goed bestuurlijke kracht en individuele kennis. Gelukkig zijn deze deskundigheden in de Protestantse Gemeente Zoetermeer over het algemeen in ruime mate aanwezig: organisatietalent, financiële kennis, verstand van beheer, communicatie en nog veel meer.
Gelukkig ook zijn er nog steeds veel mensen bereid als vrijwilliger mee te helpen om de kerkelijke organisatie te laten ‘draaien’.
Tegelijk sluiten we de ogen niet voor de vergrijzing en merken we ook dat kerkleden het voor gezien houden. Voor ouders is het vaak lastig hun kinderen zo in de geloofsleer ‘mee te nemen’, dat die ook na hun jeugdjaren bij de kerk willen blijven. Er is een leden­krimp aan de gang, waarvan niemand precies weet of en hoe die te keren is.

Realistisch
Gaan we somber doen? Zijn we daarom pessimistisch en laten we de koppies hangen? Nee, natuurlijk niet. We zijn realistisch. Het in stand houden van de kerk in alle facetten vraagt veel en nieuwe inspanningen. Van de kerkleiding, van alle leden, van iedereen.
De geduide ontwikkelingen hebben ook hun directe weerslag op de beschikbare financiën. Niet zonder reden wordt in kerkenraden van tijd tot tijd de vraag gesteld welke kansen en mogelijkheden er zijn, wat er met elkaar is opgebouwd om de toekomst veilig te stellen. Anders gezegd: wat gaan we doen? En: hoe doen we dat?
‘Bouwen aan de kerk’ wordt in dit februarinummer belicht vanuit verschillende invalshoeken, in het besef dat we zelf mee kunnen werken aan de toekomst. Kerkenraden, samen met de gemeenteleden, moeten daarvoor plannen ontwikkelen en die ook voldoende laten uitkristalliseren.

‘Bouwstenen’
Of het zo heeft mogen zijn staan er in deze krant enkele interviews, waarin voorlieden – we noemen ze dominee of pastor – vertellen over hun kijk op en ervaringen met het werk in kerk en gemeente.
Ondertussen wordt er gebouwd aan de Oude Kerk in het Dorp, en denkt bijvoorbeeld de Ichthuskerk na over duurzaam kerk-zijn.
Een nieuwe rubriek ‘Bouwstenen’ besteedt in de komende nummers aandacht aan allerlei bouw­aspecten van de kerk, in beide betekenissen. Hebt u suggesties? Geef het door!

    E redactie@kerkinzoetermeer.nl

Tekst en foto: Fien Meiresonne

Een prachtige metafoor, deze kruiwagen die geparkeerd staat in het fietsenhok van de Ichthuskerk. Na enig onderzoek bleek dat die als gift aan de kerk is geschonken. Om de ruggen der vrijwilligers te sparen. De gulle gever gaf er een serieus motto aan mee. Een aanmoediging om er ook bij het vrijwilligerswerk in de kerk de kantjes niet vanaf te lopen, want de tekst van Psalm 104:23 luidt in de Statenvertaling: ‘De mens gaat (dan) uit tot zijn werk en naar zijn arbeid tot den avond toe.’ Dat de tekst effect heeft gehad is duidelijk, want de verbouwing van de Ichthuskerk in 2014 werd binnen de geplande tijd afgerond. Met deze kruiwagen, die nog steeds dienst doet, zitten we middenin het thema ‘Bouwen aan de kerk’.