Uitgave van de Protestantse Gemeente Zoetermeer

UITGENODIGD

Vrouwen in het Paas­evangelie




Door de Bijbel trekt een lange stoet van vrouwen, van Eva tot Claudia. Velen zijn naamloos of alleen bij naam bekend. Aan anderen worden wat meer woorden gewijd. Vaak zijn ze op de achtergrond of alleen gekend als de moeder of vrouw van. Een enkelinge treedt wel naar voren en heeft zelfs een onmisbare rol. Dat geldt voor Maria, moeder van Jezus, die in het decembernummer van Kerk in Zoetermeer alle aandacht kreeg. In dit aprilnummer kijken wij naar de vrouwen in het lijdens- en Paasevangelie. Zij stappen nu uit die lange stoet van vrouwen. Wie zijn het en – belangrijker – wat doen zij?

Wie de teksten van de vier evangeliën naast elkaar legt, ontdekt duidelijke verschillen. Wie maakt deel uit van de groep vrouwen bij kruis en graf? Welke Maria’s zijn aanwezig? Is het nu Salome of Johanna? Waarom is moeder Maria alleen in de beschrijving van Johannes aanwezig? Vooral op Paasmorgen zijn er duidelijke verschillen. Was het zo spectaculair als bij Matteüs? Hoe en van wie horen de vrouwen dat hun meester is opgestaan? Waren er nu een of twee mannen in lichtende kleding? Was er wel of niet een wacht bij het graf? Je kunt die verschillen als verwarrend en zelfs storend ervaren, maar voor mij hebben ze – mede door de overeenkomsten die er zeker zijn – juist meerwaarde gekregen.

Van horen zeggen
Om te beginnen is het goed om te bedenken dat de evangelieschrijvers geen ooggetuigenverslag geven. Ze zijn niet de verslag­gevers ter plaatse. Vaak hebben zij het ook van horen zeggen. De vier evangelisten geven een geloofsgetuigenis voor de christelijke gemeenschappen van hun tijd. Ze schrijven vaak speciaal voor een gemeente waarmee zij zich verbonden voelen. Met het oog op juist die gemeenschap leggen zij bepaalde accenten. Het is daarom goed dat de leesroosters van de kerken ieder jaar in lijdens- en Paastijd één evangelie centraal stellen. Dan ontdek je als lezers en hoorders het beste wat in dit evangelie de accenten en nuances zijn.

Onvoorwaardelijk
Tegelijk zijn er tussen de evangeliën veel overeenkomsten. Bij iedere evangelist zijn de vrouwen bij het graf nooit alleen. Steeds is er sprake van een groep, waarvan de samenstelling verschilt maar waarin Maria van Magdala nooit ontbreekt. Volgens alle schrijvers zijn het de vrouwen die Jezus volgden vanuit Galilea en die Hem dienden. Dat werkwoord ‘dienen’ is de vertaling van het Griekse ‘diakonein’. Te vaak werd dat vertaald met verzorgen en bedienen, met werkwoorden die vrouwentaken aanduiden. Gelukkig staat er in de Nieuwe BIjbelvertaling NBV21 weer ‘dienen’. Want dit dienen is meer dan alleen bedienen. Het is diaconie bedrijven: steun en zorg bieden, recht doen zowel aan hun meester als aan ieder die op hun pad kwam.

De eerste getuigen, zij zijn er en zij blijven

Datzelfde geldt voor het werkwoord ‘volgen’. Ook dat is meer dan alleen je leermeester volgen in Galilea, van Galilea naar Jeruzalem tot bij kruis en graf. Het is navolgen, zijn voorbeeld volgen, er onvoorwaardelijk en betrouwbaar vol liefde en rechtvaardigheid zijn. Ook worden bij alle evangelisten de vrouwen de eerste getuigen. Zij zijn er en zij blijven, ook als de mannen geheel of gedeeltelijk ontbreken.

Lopend vuur
Zo is in elk evangelie door die groep vrouwen de eerste gemeenschap rond Jezus present en in actie. Zij staan bij het kruis en zien Jezus sterven. Ze zijn aanwezig bij kruisafneming en graflegging. Dezelfde groep verschijnt geheel of gedeeltelijk op Paasmorgen bij het graf. Ze zijn present met gevaar voor eigen leven.
Dat wordt maar al te duidelijk bij het oorspronkelijke abrupte slot van het Marcusevangelie: ‘Ze vluchtten bij het graf vandaan, want ze waren bevangen door angst en schrik. Ze waren zo erg geschrokken dat ze tegen niemand iets zeiden.’ Behulpzame gelovigen schreven al snel een aanvulling waarin Jezus aan Maria van Magdala verschijnt en aan anderen (Marcus 16:9-20). Kan het ook zo zijn dat de vrouwen bij Marcus in de eerste plaats wegvluchtten van het graf, omdat die plek levensgevaarlijk was vanwege het Romeinse bestuur? Hoe dan ook: ze bleven niet zwijgen, want niet veel later ging het bericht als een lopend vuur: ‘Hij is niet dood. Hij leeft!‘
Al lezend in de vier evangeliën vraag ik mij af: Kenden die vrouwen hun Schriften? In de vrouwenafdeling van de synagoge hoorden ze toch de verhalen van vrouwen die hen voorgingen? Inspireerden die vrouwen van toen hen om vol te houden, te blijven volgen, te dienen en geloofsgetuige te zijn? Wisten ze van Sara die lachte toen ze op hoge leeftijd moeder werd? Kenden ze het verhaal van Mirjam die vol vuur zong na de tocht door de zee, van dood naar leven? Of was Debora, de onverschrokken profetes, hun inspiratiebron? Het kan niet anders of ze volgden nu hun meester maar toch ook die vrouwen van vroeger. Zoals ook wij nu in 2022 uitgenodigd worden Hem en hen te volgen.

Vragen te over
Door – luisterend naar het evangelieverhaal – zelf je plaats in te nemen naast een van de vrouwen stel je jezelf vragen: Zou ik volgen? Hoe zou ik volgen? Zou ik niet, net als zij, gehinderd worden door onzekerheid, twijfel en angst? Hebben zij, net als de mannelijke leerlingen, gedacht en misschien zelfs gezegd: Ga niet naar Jeruzalem! Wat beweegt je om toch te gaan? Je hemelse Vader en jouw liefde voor Hem en voor ons? Is voor jou liefde sterker dan de dood? Vragen te over – op leven en dood – en toch volgen zij Hem tot bij kruis en graf.

Is voor jou liefde sterker dan de dood?

Terwijl ik dit schrijf (in de tweede week van maart) kan het niet anders dan dat mijn gedachten gaan naar beelden uit Oekraïne. Ik zie die vrouw die alles – ook haar man – achterlaat om haar twee kinderen toekomst te geven. Ik hoor een man zeggen dat hij terugkeert om zijn land te verdedigen voor zijn vader en zijn zoon. Onvermoede kracht vertaalt zich in ongedachte actie omdat je er wilt zijn voor die anderen. Zo moet het ook geweest zijn voor de vrouwen in het Paasevangelie. Nu op weg naar Pasen dagen zij ons uit: Volg jij het voorbeeld van onze leermeester? Volg ik zoals zij, zoals een lange rij van vrouwen en mannen voor ons? Gaan wij in de dagen van Pasen Hem achterna? Hij is niet dood, Hij leeft en gaat ons voor. Hij leeft voor ons en voor onze wereld, nu zo vol zorg, geweld en nood. Hij leeft in ons! Volgen wij Hem zoals de vrouwen volgden?

Joke Westerhof

Afbeelding: Heleen de Lange, ‘Licht dat ons aanraakt’, acrylverf op doek, 50 x 40 cm www.atelierheleen.nl