Uitgave van de Protestantse Gemeente Zoetermeer

Humor is … lachen om een prent




TEKENTRUCS Er zijn veel manieren om te lachen: een glimlach, een schaterlach, een schamper lachje, een grijns … Wat is humor? Moeilijk te omschrijven: er zijn zoveel vormen en gradaties en dan is het ook nog eens heel persoonlijk. Humor verrast, ontregelt en dat gevoel ontlaadt zich in een lach.

Mij valt bijna maandelijks de eer te beurt een cartoon te mogen tekenen voor Kerk in Zoetermeer. Ik heb zo mijn eigen stijl en gevoel voor humor. Geen idee hoe die passen bij de humor (en het humeur) van de lezers … ik hoop er elke keer maar weer het beste van.
Wat humor kan doen in een tekening, is breed geschakeerd. In de geschiedenis van de spotprent zie je voorbeelden van grimmige, sarcastische, spottende, beledigende, schokkende humor. Maar evengoed vind je milde spot, ironie, verwondering, absurdisme, clownerie en troostende relativering.
Hoe doen tekenaars dat, kun je je afvragen. Met welke trucs laten ze de lezer lachen? Een duik in de gereedschapskist!

Humor verbindt …
Op twee manieren zelfs: humor verbindt zaken die schijnbaar niets met elkaar te maken hebben tot een krachtig beeld. Maar humor verbindt ook mensen door situaties uit te beelden waarin iedereen zich kan herkennen. Dat geldt ook in de kerkelijke wereld. 
De cartoon van Alexander Veerman hiernaast snijdt een voor alle kerkgangers herkenbaar probleem aan: door gewenning kan het moeilijk worden om je aandacht bij de preek te houden. Het ‘zegt’ je niet altijd meer zoveel. De humor leunt op die gedeelde ervaring. 

Humor ontspant …
Een beeld kan spanning oproepen door de uitbeelding van een gevaar of iets naars. Maar er gebeurt iets geks dat de spanning in één klap wegneemt. 
Je moet lachen.
In het voorbeeld hiernaast roept het plaatje spanning op. Heer Bommel leunt kotsmisselijk over de reling – hij is zeeziek. Maar in de tekst eronder staat: ‘De herinnering aan de hutspot was te veel voor heer Ollie, en hij boog zich verder over de verschansing om uitdrukking te geven aan zijn gevoelens.’ 
Marten Toonder was de grootmeester van de ironische verhouding tussen woord en beeld, en ik ben een groot bewonderaar.

Humor relativeert …
Dit voorbeeld is al heel oud en gaat over een theologische kwestie rond de vraag of de paradijsslang werkelijk kon spreken, of dat het om bijbelse beeldspraak gaat. Menige Nederlander had daar een mening over. 
Maar hoe controversieel de kwestie ook was: het beeld van de ouderling die veel te laat thuiskomt en de woede van zijn vrouw over zich afroept, was voor iedereen herkenbaar. Onderschrift: ‘En dan zeggen ze nog dat de slang niet sprak …’ Het zwaarwichtige onderwerp in de huiselijke context wordt lachwekkend. Iets zwaars wordt licht gemaakt.

Humor prikkelt …
Pieter Geenen is voor lezers van dagblad Trouw een bekende naam. Hij deinst er niet voor terug om in zijn dagelijkse strip brisante actuele kwesties vlijmscherp neer te zetten in een ogenschijnlijk simpele stijl. 
In bijgaand voorbeeld wordt de lezer geprikkeld om na te denken over de opstelling van het CDA in het landbouwdebat. De tekst roept tegenspraak op: is het een juiste weergave van de feiten? Wat vindt de tekenaar en wat vind je zelf? De tekening laat het CDA zien als in zichzelf verdeeld, is dat zo? 
De overdrijving is humoristisch, net als het beeld van de twee katheders. Maar de humor dient een doel: de lezer aan het denken zetten. Dat zijn voor mij de mooiste prenten. 

Theo Poot
KiZ-TEKENAAR